Wijkwinkelcentrum: van winkelcentrum naar hotspot voor de wijk
Wijkwinkelcentra vervullen al decennialang een belangrijke functie in de wijkgemeenschap. Maar benutten we hun potentieel wel echt? Wij vinden het hoog tijd dat het saaie wijkwinkelcentrum zichzelf opnieuw uitvindt en doorgroeit naar hotspot van de wijk. Het recente coalitieakkoord gaat daarbij helpen. Het benutten van het Gemeenschapsfonds (met als doel om bij te dragen aan vitale, inclusieve en veerkrachtige lokale gemeenschappen) helpt om deze centra te transformeren tot plekken voor ontmoeting, verbinding en wijkeconomie. Door dit te koppelen aan de Impulsaanpak winkelgebieden (IW) (met als doel om winkelgebieden toekomstbestendig te maken door minder lege winkelpanden, meer woningen en meer groen) ontstaat een krachtige versneller voor de noodzakelijke transformatie. Zo werk je niet alleen aan wat een wijk heeft, maar vooral aan wat een wijk is. Maar hoe pak je dit aan? En hoe meet je het “hotspot gehalte” van een wijkwinkelcentrum? Wij ontwikkelden een speciaal waardenmodel.
DE HISTORISCHE ONTWIKKELING VAN WIJKWINKELCENTRA
1. De planmatige basis (jaren ’50–’70): Na de oorlog werden grote nieuwe woonwijken gebouwd, mét zorgvuldig geplande buurt- en wijkwinkelcentra voor dagelijkse boodschappen en basisvoorzieningen. Deze centra waren functioneel, hiërarchisch georganiseerd en ingericht voor efficiënt boodschappen doen, met de auto als vertrekpunt. Ze waren vooral ‘places to buy’.
2. Stabiliteit en statische groei (jaren ’70–’00): Hoewel de retail veranderde door de opkomst van grootschalige PDV/GDV-locaties, bleef het wijkwinkelcentrum opvallend stabiel en zonder wezenlijke inhoudelijke transformatie. Supermarkten mochten zich niet in de periferie vestigen. Veel wijkcentra profiteerden van dat beleid en bleven decennia lang vrijwel onveranderd. Soms uitgebreid voor grotere supermarkten, soms verrijkt met woningen boven de winkels.
3. De impact van e commerce (jaren ’00–heden): Door e-commerce en het daardoor veranderde consumentengedrag, daalde de behoefte aan fysieke winkelruimte. Niet-dagelijkse winkels verdwenen en leegstand nam toe. Terwijl binnensteden transformeerden tot levendige plekken met verblijfskwaliteit en beleving, bleven de meeste wijkcentra functioneel hangen in hun oorspronkelijke mono-functie. Zelfs veel recent gerealiseerde of herontwikkelde wijkcentra zijn conceptueel niet wezenlijk veranderd.
Op dit moment zijn de meeste wijkwinkelcentra nog steeds “winkelcentra”, terwijl de samenleving vraagt om “wijkplekken” met een bredere functiemix.
HET WIJKWINKELCENTRUM ALS ‘PLACE TO BE’
Ons valt op dat vooral centrumgebieden (stadscentra, dorpscentra) zich sterk als verblijfsplek hebben ontwikkeld. We zien dit terug in diverse steden waar de laatste 10 tot 15 jaar veel aandacht is geweest voor de binnenstad. Die binnensteden hebben een flinke ontwikkeling doorgemaakt en zijn (redelijk) succesvol getransformeerd van ‘place to buy’ naar ‘place to be’. Wij zijn van mening dat de wijkwinkelcentra deze ontwikkeling ook nodig hebben. Allereerst in de basisfunctie: minder ‘place to buy’, méér ‘place to be’. Maar het gaat verder. Ze moeten sterker gaan bijdragen aan de leefbaarheid van het gebied. De centrale, vaak goed bereikbare locatie en de lokale bekendheid van het wijkwinkelcentrum bieden een uitstekend vertrekpunt voor functieverbreding en daarmee bezoekdoelverbreding.
In het wijkwinkelcentrum van overmorgen is er veel meer dan winkels alleen. In veel wijkwinkelcentra liggen kansen om de ontmoetingsfunctie een impuls te geven, de werkfunctie toe te voegen of de woonfunctie te versterken. Voor een vitaal centrum zijn ook sociaal-maatschappelijke en culturele functies van groot belang, aangevuld met tijdelijke functies als evenementen en ambulante handel.
In onze optiek wordt het dan ook hoog tijd dat het traditionele ‘wijkwinkelcentrum’ zich doorontwikkelt tot ‘hotspot van de wijk’ door:
Functieverbreding: aanvullend op de winkelfunctie, kunnen tal van overige wijkgerichte functies aan het gebied worden toegevoegd; welke functies dat zijn hangt mede af van de kenmerken van de wijk. Doel is wél alle functies op één plek te clusteren, zodat bezoekdoelverbreding (multi-purpose trip) ontstaat.
Verblijfskwaliteit: het wijkwinkelcentrum van overmorgen vraagt ook om een aangename inrichting van het openbaar gebied: het is immers de plek waar je mede-wijkbewoners (spontaan of gepland) tegen kan komen. Het is ook de logische plek waar het wijkleven zich afspeelt: alle wijkgerichte events vinden daar plaats. Het is er gezellig, levendig, prettig om te vertoeven (groen, water) en om af te spreken. Het DNA van de wijk moet hier beleefbaar zijn. De horeca speelt hier een belangrijke verbindende rol.
VERBREDING VAN HET BEZOEKDOEL
Zoals hierboven benoemd, wordt het bezoekdoel aan het wijkwinkelcentrum vergroot door het toevoegen van diverse wijkgerichte functies. Wij hebben een speciaal waardenmodel ontwikkeld om de verschillende waarden, economisch en sociaal, goed in beeld te kunnen brengen en verbinden.
Gebruikswaarde: Een levendig wijkcentrum biedt ruimte voor meerdere functies. Niet alleen traditionele functies zoals de winkelfunctie, maar ook horeca, maatschappelijke en culturele functies en (eerstelijns)zorg. Door een bredere gebruikswaarde is er meer levendigheid in het wijkcentrum en wordt het bezoekdoel verbreed.
Bestaanswaarde: Een wijkcentrum moet een herkenbare plek worden waarmee bewoners zich kunnen identificeren. De uitstraling van gebouwen, inrichting van de openbare ruimte en aanwezigheid van voorzieningen dragen bij aan het gevoel van eigenheid en trots. Een wijkcentrum dat aansluit bij de beleving van bewoners versterkt de sociale binding.
Economische waarde: Een wijkcentrum biedt kansen voor nieuwe ondernemers. Lege winkelunits kunnen worden getransformeerd tot ZZP hubs (plekken waar ZZP’ers kunnen werken, lunchen en elkaar vrijblijvend ontmoeten), ambachtelijke werkplekken, kleinschalige bedrijvigheid en broedplaatsen voor lokaal ondernemerschap. Deze functies brengen leven en zichtbare bedrijvigheid terug in de wijk en houden de economische waarde dichtbij. Dit versterkt de economische vitaliteit van het centrum en maakt het aantrekkelijk voor investeringen, zowel door ondernemers als vastgoedeigenaren.
Sociale waarde: Ontmoeting gebeurt nu vooral toevallig, maar kan veel sterker gefaciliteerd worden. Dit kan door het toevoegen van horeca (lunchroom, koffietent) met terrassen, centrale pleinen met bankjes, kleinschalige wijkgerichte evenementen en plekken waar het DNA van de wijk zichtbaar wordt. Het wijkcentrum moet ruimte bieden voor sociale interactie, buurtactiviteiten en informele ontmoeting. Functies zoals een buurtrestaurant, bibliotheek en wijkvereniging dragen bij aan de sociale cohesie en een sterk netwerk in de wijk.
Ecologische waarde: Door multifunctioneel ruimtegebruik en het stimuleren van OV en langzaam verkeer kan een plek bijdragen aan een duurzame leefomgeving. Ook het gebruik van duurzame materialen, vergroening van het plein en maatregelen tegen hittestress zijn belangrijke aandachtspunten.
Optiewaarde: Een aantrekkelijk hart van de wijk met voorzieningen heeft een positief effect op de waarde van alle vastgoed in de nabijheid. De meeste mensen willen immers wonen op een plek waar zij voorzieningen bij de hand hebben. Een aantrekkelijk wijkwinkelcentrum maakt de omliggende wijk als woonplek ook aantrekkelijk. Bovendien biedt het wijkcentrum kansen voor extra woningen boven de winkels. Hierdoor ontstaat meer sociale veiligheid, meer levendigheid, efficiënter gebruik van schaarse ruimte, maar vooral ook nieuwe huisvesting voor jongeren én ouderen die centraal willen wonen.
GEMEENSCHAPSFONDS EN IMPULSAANPAK ALS KATALYSATOR
Het wijkwinkelcentrum van de toekomst is niet langer een saai winkelgebied voor de basisbehoeften, maar een meervoudig, gemengd gebied waar dagelijkse voorzieningen, zorg, werk, ontmoeting, cultuur en wonen samenkomen. Het wordt de plek waar je boodschappen doet, koffiedrinkt, werkt, kinderen ophaalt, elkaar ontmoet en deelneemt aan het wijkleven. De echte hotspot van de wijk.
Het nieuwe coalitieakkoord kan het wijkcentrum een zet in de goede richting geven. Het Gemeenschapsfonds en de Impulsaanpak winkelgebieden vormen samen een beleidsmatige inzet op vitale centra in wijken en dorpen. Het gemeenschapsfonds richt zich op het behoud en de versterking van ontmoetingsplekken zoals buurthuizen, verenigingsgebouwen en dorpswinkels. Deze plekken zijn essentieel voor sociale samenhang en leefbaarheid. Tegelijkertijd wordt met de impulsaanpak winkelgebieden erkend dat ondernemers en winkelgebieden de ‘ziel’ van een dorp of binnenstad vormen en daarmee cruciaal zijn voor levendige centra. Met een gemeenschapsfonds kunnen bewoners, ondernemers en maatschappelijke partners samen investeren in de sociale en programmatische kant van deze transformatie. De Impulsaanpak kan tegelijk de ruimtelijke en economische metamorfose versnellen.
Samen beogen deze twee instrumenten om centra niet alleen economisch, maar ook maatschappelijk vitaal te houden. Dat gebeurt via samenwerking tussen overheid, samenleving en bedrijfsleven.
BENIEUWD WAT WE VOOR JOU KUNNEN BETEKENEN?
Wij kunnen aan de hand van ons waardenmodel in beeld brengen wat een centrum op dit moment bijdraagt aan de leefbaarheid en brede welvaart, maar ook wat de potenties zijn voor de toekomst. Door wijkwinkelcentra te ontwikkelen tot hotspot van de wijk, ontstaan plekken die economisch beter functioneren én sociaal en maatschappelijk van blijvende betekenis zijn.
Wil jij hier graag meer over weten? Dan komen we graag met je in contact!
MEER WETEN OVER DIT ONDERWERP?
EENS VAN GEDACHTEN WISSELEN?
We komen graag met je in contact!